Loslaten voor haar, omdat het goed is dat ze zelf kan, Terwijl zelf kunnen nu net datgene is wat niet gaat. Loslaten omdat het goed is, voor haar maar ook voor ons, 
want loslaten is niet kwijtraken, het is geen afscheid. 

Maar toch, we nemen afscheid van jou hier thuis, 
Omdat ons thuis nog altijd thuis is. 
Het huis waar we genoten, lachten en ons veilig voelden, 
het huis waar verdriet was, immens verdriet. 

Zij kende je door en door, zoals een moeder haar kind hoort te kennen.
Hij kende je door en door, zoals een vader zijn kind hoort te kennen. 
Zij zorgden op een manier die alle zorg te boven stijgt. 
Zij zorgen met Koninklijke liefde voor jou, omdat jij jij bent. 

Toen we los moesten laten maar tegelijkertijd door moesten, 
ben ik me nog meer gaan verdiepen in jou en wist ik, 
Jij, zal ons altijd nodig hebben, 
maar wij jou nog meer. 

Ik laat je los, lieve zus, 
ik vier het touw een heel klein beetje, 
Zodat je ervaart wat het is om zelf te kunnen, 
maar zodat je voelt dat ik achter je sta.
Ik laat je los, omdat het goed is, 
omdat het goed is voor jou maar ook voor mij. 
Vol vertrouwen kijk ik toe hoe jij je huis een thuis maakt, 
je eigen plek. 

Ik voel ze wel, de tranen, 
want hoe laat je los terwijl je nooit los kunt laten.
Hoe geef je over terwijl je weet dat je zelf beter kunt, 
of is het anders? Anders kunnen?

Dag zus, ik laat je een beetje los, 
een beetje maar nooit teveel.